In het Gelderse landschap is nog steeds duidelijk zichtbaar dat adellijke en patricische families in het maatschappelijk leven van dit gewest tot in de twintigste eeuw een grote invloed hadden. Hun kastelen en landgoederen zijn van oudsher een bepalend onderdeel van dit landschap. We besteden er tegenwoordig nog en weer zorg en aandacht aan. Ook in de steden staan nog vaak hun imposante huizen. De maatschappelijke bovenlaag op het platteland en die in de steden waren nauw met elkaar vervlochten.
In de huizen van deze families en in musea vinden wij overblijfselen van de materiële cultuur van deze families. Minder zichtbaar zijn andere monumenten, die zij hebben nagelaten. Voor het begrip van de samenleving waarvan zij deel uitmaakten en waarop zij zo sterk hun stempel drukten zijn zij echter onmisbaar: hun archieven: de papieren en perkamenten neerslag van hun doen en laten sinds de late Middeleeuwen.
Deze zogeheten huis- en familiearchieven weerspiegelen het beheer van hun bezittingen, hun omgang met pachters, personeel en leveranciers. Ook hun relatie tot de natuur, in hun rol van grootgrondbezitter, jager, parkaanlegger, bosbouwer en landbouwvernieuwer; hun bestuurlijke activiteiten (van lokaal tot landelijk niveau), heel hun maatschappelijk en cultureel leven, ook buiten de plaats en de regio, tot over heel Europa.
We zien leden van deze families als minister, als gewestelijk en lokaal bestuurder ( in die rol namen zij nog al eens werk, en dus archief, ‘mee naar huis’, als plantagebezitter in Suriname, als Brits generaal, als gastheer van de Duitse keizer, als echtgenoot, ouder, student. We maken ze mee als bouwheer, als liefhebber en beoefenaar van kunst en cultuur, en als beoefenaar van sociale zorg, liefdadigheid en volksontwikkeling, en als ondernemer pogend bezit bijeen te houden, uit te breiden en te exploiteren.
Omgekeerd en niet minder belangrijk: de archieven bevatten ook veel materiaal over ‘gewone’ mensen en de omstandigheden, waaronder zij hebben geleefd. Dit is een niet te onderschatten aspect. De massa van de bevolking vormde immers zelf geen archief, zoals de bovenlaag dat wel deed. Op deze als het ware indirecte manier is echter ook veel van het dagelijks leven van burgers, boeren en buitenlui gedocumenteerd. De huis- en familiearchieven vormen een belangrijke bron voor de kennis van economische en maatschappelijke veranderingsprocessen die zich in de afgelopen eeuwen op lokaal en gewestelijk niveau hebben afgespeeld.
Samenvattend: er is geen tak van het historisch onderzoek aangaande de door huis- en familiearchieven bij uitstek bestreken periode die niet van deze bronnen gebruik moet maken. Dat geldt op lokaal, op regionaal, op gewestelijk en ook op landelijk en internationaal niveau. Het geldt voor de geschiedenis van politiek en bestuur, de economische en sociale geschiedenis, de geschiedenis van kunst en cultuur.
Het Gelders Archief in Arnhem beheert van oudsher een omvangrijke collectie archieven, afkomstig van Gelderse families en ‘ huizen’ (kastelen en landgoederen). In totaal heeft het fonds een omvang van circa 800 strekkende meter. Het bestrijkt de hele periode vanaf de middeleeuwen tot in de twintigste eeuw. De overgrote meerderheid van de archieven is in de loop van de twintigste eeuw bijeengebracht door het Rijksarchief in Gelderland, sinds 1 januari 2003 het Gelders Archief.
Het overbrengen van de huis- en familie archieven naar het Rijksarchief /Gelders Archief heeft in veel gevallen de redding van dit cultuurhistorisch erfgoed betekend. Buiten de archiefdienst bevonden deze archieven zich soms op plaatsen, waar schimmel, vocht- en brandgevaar een bedreiging vormden voor hun voortbestaan. Het is nauwelijks voor te stellen hoe het beheer onder normale omstandigheden goed en veilig plaats had kunnen vinden. Verhuizingen – normaal gesproken naar kleinere huizen – en vererving zouden het materiaal vermoedelijk ook geen goed hebben gedaan.
Opslaan en behouden alleen is niet genoeg. Archieven moeten geraadpleegd worden om functioneel te zijn en hun rol als bron voor de kennis van ons verleden te vervullen. Veel is daaraan in de loop der tijd gedaan. Archivarissen hebben inventarissen vervaardigd, die de archieven voor de onderzoeker ontsluiten en het materiaal vindbaar maken. Zo zijn inventarissen uitgebracht van de archieven van de huizen Bingerden, Ruurlo en Waardenburg-Neerijnen en van de families Bosch van Rosenthal en Van der Capellen.
Maar voor veel en dikwijls zeer belangrijke archieven schoot de capaciteit steeds tekort. Bestanden zijn niet raadpleegbaar omdat een toegang of goede ordening ontbreekt. Zo is bij het Gelders Archief circa 20/25% toegankelijk volgens moderne normen.
Zeker nu de moderne informatietechniek nieuwe mogelijkheden biedt voor het op afstand via internet doen, of ten minste voorbereiden van onderzoek, ongeacht de plaats waar men zich bevindt of het tijdstip, is deze situatie niet te verdedigen. Slecht toegankelijke archieven worden niet of slecht geraadpleegd. Het Gelders Archief wil dan ook speciale aandacht geven aan de ontsluiting van huis- en familiearchieven met gebruikmaking van moderne media. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een geautomatiseerd inventarisatiesysteem, waarmee de gegevens direct op het Internet kunnen worden gezet. Dit systeem voorziet ook in de digitale weergave van afbeeldingen van archiefstukken, kaarten en tekeningen.
In 2002 kwam de inventaris van het huisarchief Verwolde en van de familie Van der Borch van Verwolde (14e-20e eeuw) gereed. Dit door de eeuwen heen goed bewaarde archief ontleent zijn bijzondere betekenis aan de vele duizenden brieven en andere egodocumenten vanaf de 16e eeuw, die een treffend beeld geven van het leven op een landgoed in de Achterhoek, de bestuurlijke geschiedenis van Gelderland in de 18e,19e eeuw en ook van het beheer van plantages in Suriname, waarin de familie aandelen had.
Onlangs werd de inventaris van de omvangrijke archieven van de familie Van Nispen (14e-20e eeuw) gepubliceerd. Hierin worden de archieven van het huis Sevenaer, de familie Van Nispen, tak Sevenaer en de familie Van Nispen, tak Pannerden, beschreven. Deze archieven zijn van groot belang, omdat zij inzicht verschaffen in het politieke en sociale netwerk van rooms-katholieke families in het Gelderse en daarbuiten. Daarnaast biedt het huisarchief Sevenaer een beeld van de exploitatie van het landgoed door de eeuwen heen. Heel bijzonder was de vondst van een uniek 18e eeuws muziekhandschrift, vermoedelijk van de componist Leopold Hoffmann (1738-1793). Dit stuk is in modern notenschrift omgezet en ten gehore gebracht tijdens de presentatie van de inventaris op het huis Sevenaer op 30 september 2005.
Sinds de verschijning van bovengenoemde inventarissen hebben vele onderzoekers de weg naar deze archieven gevonden. Een rol hierbij speelt ook de beschikbaarheid van inventarissen van deze archieven op Internet.
Kijk in het Archievenoverzicht: Huizen, families, personen.